donderdag 22 september 2011
Politiek: Een illustratie van de relevantie van moraliteit
Hoe verwezenlijken we dit? Door een nieuw en nog onbekender gezicht dat zich op de lijst bij Groen! zet? Door proberen stemmen af te snoepen van de PVDA+ lijst of de de opkomende Piratenpartij de kop in te drukken? Of door een idee te poneren?
In een republiek zouden deze twee rechten gewoon gegeven zijn. Niemand zou de rechten kunnen afnemen. We leven echter in een democratie en misschien is dat maar best. Wat ik wil, is niet wat iedereen wil en het is niet omdat ik een bepaalde politieke visie heb, dat ik deze (als een Leviathan) moet afdwingen bij de rest van de bevolking. Dus laten we gebruik maken van de Wetgevende Macht. Dit zou het volk moeten zijn. Welnu, in landen met een hoge internetpenetratiegraad is dat mogelijk. Iedereen heeft binnenkort een e-mail waar de overheid je kan bereiken (tax-on-web), voorlopig is de opkomstplicht nog niet virtueel. Dat houdt steek aangezien vrouwen nog steeds niet economisch zelfstandig genoeg zijn om hun man te verlaten en die er dus op nakijkt of ze wel juist stemt. Dat ze zo wanhopig vasthoudt aan materiele middelen die de testosteronrijke kostwinner verschaft, heeft alles te maken met de kinderen die een erfenis moeten krijgen om niet verstoken te zijn van...voedsel en onderdak. Wat was het punt voor ik deze tegenargumentatie even weerlegde? Welnu, dat we voor ieder wetsvoorstel (met een quorum van de huidige verkozen vertegenwoordigers) een referendum kunnen organiseren. Meer nog, dat dat automatisch het geval is. Indien mensen zich absoluut niet in politiek interesseren, blijven ze er van tussen. Indien ze per wetsontwerp/voorstel (juristen en politici weten op welke pervertering ik hier doel met de "/") echter interesse vertonen, kunnen ze ook per ontwerp stemmen.
Als er mensen durven beweren dat 'anderen' (nooit zijzelf, immer anderen) niet zouden werken indien ze niet op straffe van verhongering en dakloosheid zichzelf moeten verhuren op de arbeidsmarkt, dan heb ik maar 1 reactie: "Ik hoop dat de economie (zoals jij die ziet) snel in elkaar valt. Als dat de werkloosheid is die je vreest, hoera voor de werkloosheid. Leve de vrijheid van die mensen om te doen en laten wat ze willen. Zich niet kapot te werken indien ze dat niet kunnen."
Hoe moeten we dat betalen? Laten we een taxatie hebben op basis van mortaliteit. Een rationele belasting. Bijvoorbeeld door tabak, alcohol en geraffineerd suiker meer te taxeren. Tabak, niet sigaretten (daar zitten we al aan een maximum). Alcohol, inclusief de kosten verkeersongelukken die door alcoholconsumptie (die op hun beurt aanleiding geven tot te snel rijden). Welvaartziektes moeten zichzelf indekken door de juiste accijnzen te heffen. Het zout, vet en zoet eten dat men doorgaans koopt is geen voedsel. Het kan dus ook geen maaltijd vormen en vereist dus iets anders dan maaltijdcheques. Bijvoorbeeld geld. Dat lijkt me een uiterst geschikt middel om luxeproducten te kopen waarbij je afhankelijk bent van de private marktwerking. Asociale woningen bouwen en het ontbreken van enige ruimtelijke ordening ten nadele van ons habitat (de golfbanen buiten het VK vallen gelukkig best mee, dus daar hoef ik niet over te beginnen) is echter een inbreuk op het publieke leven. Ach ja, de Belg heeft in een baksteen in zijn maag. Hij moet toch iets eten.
maandag 19 september 2011
Kant en Kunst
Zonder bron
- "De mens is een ziekte op de huid van de aarde"
- "Mijn filosofie heeft me niets bijgebracht, maar veel bespaard."
- "Omdat geluk niet een ideaal van het verstand is, maar van de verbeelding."
- "Over smaak valt wel te twisten, maar niet te discussiëren."
zaterdag 17 september 2011
Niet alles wat blinkt...
Carlton Brown: I've got to be honest with you. When the September 11th situation happened, and I must say, and I wanna say this because I don't want to take it lightly. It's not a light situation. It was a devastating act. It was really a bad thing. It was one of the worst things I've seen in my lifetime, you know. But, I will tell you and every trade will tell you, who was not in that building and who was buying gold and who owned gold and silver, that when it happened, the first thing you thought about was, "well, how much is gold up?" The first thing that came to mind was, "my God, gold must be exploding". Fortunately, for us, all our clients were in gold. So when it went up they all doubled their money. Everybody doubled their money. It was a blessing in disguise. Devastating, crushing, heart shattering, but on the financial sense, for my clients that were in the market, they all made money. Now, I wasn't looking for this type of help, but it happened. When the USA bombed Iraq back in 1991 the price of oil went from $13 to £40 a barrel, for cying out loud! Now, we couldn't wait for the bombs to start raining down on Saddam Hussein. We were all excited. We wanted Saddam to really create problems. "Do whatever you have to do, set fire to some more oil wells, because the price is going to go higher." Every broker was chanting that. There was not a broker that I know of that wasn't excited about that. This was a disaster. This was something that was, you know, catastrophe happening. Bombing. Wars. In devastation there is opportunity.Nee, niet het zwarte goud (dat ook natuurlijk). Maar het goud waarvan men weet dat het niet op zal geraken. En toch wil men steeds meer. Zo moet men verder goud ontginnen om toch maar met de conjunctuur om te kunnen gaan. Niet alleen in Midden-Amerika, maar in heel Latijns-Amerika. Aangezien er daar nogal wat regenwoud te vinden is, zou dat wel eens wat schade kunnen veroorzaken. Natuurlijk is China in die logica mee aan het stappen. Dat soort bronnen overtuigt natuurlijk niemand. Maar neutrale inleidingen in de problematiek zouden toch sommigen kunnen aanzetten tot enige twijfel. Sommige filosofen vinden 'wetenschap' dan weer een problematisch concept (toch als het als 'objectief') wordt geponeerd.
zondag 11 september 2011
Open Monumentendag
Een werkvrouw vernam ook, dat de nieuwe kazerne - de Leopoldskazerne - waarvan ze den naam zelfs nog niet kende, thans de Wilhelmskazerne hiet en als aldus moest aangeduid worden. Haar vaderlandsliefde was wakker geschud. Luide sprak zij haar verontwaardiging uit: ‘Een schande, al onze jongens dood doen, is nog niet genoeg; onze gebouwen moeten Duitsch worden. Mijn bloed kookt, als ik er aan denk.’Dit spookte dagen achtereen in haar hoofd, in bestendigen roes van gramschap en besef van machteloosheid. Wreken zou ze zich in de maat van het mogelijke; op een morgen maakte zij den omweg langs de Citadellaan, naar haar dagtaak gaande. Daar wist ze, dat steeds een schildwacht stond aan den voormaligen mess - het officiers-maaltijd gebouw onzer belgische bezetting thans ook als alles in vijands hand. Ze zou hun eens beet nemen. Ze naderde het huis, bezag het van beneden‘Landvet(te)’: mest. naar omhoog, als zocht ze om het te herkennen; toen zich aanstellend als aarzelde zij, en sprak den schildwacht aan, die verdrietig, in volle wapenrusting, met zijn voeten de kou trachtte weg te stampen:‘Dit hier is toch wel de Leopoldkazerne, niet waar?’‘Nein,’ antwoordde hij barsch, haar den rug toewendend en stapte metaalrinkelend verder langs het trottoir.Maar ze bleef staan totdat hij traag, lusteloos, weder op haar toekwam: ‘'t Is heel zeker, dat het hier de Leopoldkazerne moet zijn,’ hield ze vol.Hij zag haar aan met rustig ongenoegen en sprak geen woord. Dit moedigde haar aan om hem langer te tergen.‘Indien dat de Leopoldkazerne - steeds op het woord drukkend - niet is, zeg mij dan, waar ik de Leopoldkazerne kan vinden.’Nu was 't genoeg.Hij hief den loop van zijn geweer op, bracht dien naar voren, als een bedreiging van te gaan mikken en afvuren, wat haar den doodsangst op het lijf joeg, toen zei hij, er mede een bank aanwijzend op den overkant van de laan: ‘Ga ginder zitten, stout wijf.’IJzend, schier ademloos, onbekend met de strafmacht hem veroorloofd, en onwetend in hoever hij die toepassen zou, wankelde zij naar de bank en liet er zich op nedervallen. De schildwacht hernam zijn gang langs het zijpad van den mess, voorbij het schuilhuisje met de duitsche kleuren, heen en weder, zooals een witte beer doet in zijn hok.Voorbijgangers, en soldaten, deze ruisschend aan- en voortstappend, bezagen haar; enkelen keken wel eens om zich afvragend, waarom dat schamel vrouwtje daar zoo vroeg, bevend van kou, in de winterlucht, op de vochtige bank, onder die naakte boomen, zitten bleef... maar geen een sprak haar aan, en iemands hulp inroepen of opstaan dorst ze niet: Och God, en haar werk! Eindelijk na een tijdverloop, dat uren scheen, kwam een aflosser van den schildwacht. Ze wisselden een paar stille woorden, wat haar nieuwen angst gaf... Wat ging er nu met haar gebeuren? Ze kromp letterlijk in een, toen de geduchte vijand de laan overstak en recht op haar toetrad. Met de handen tezaam en met starren blik hem genade afsmeekend, wachtte zij 't vonnis af. Even met de punt van zijn bajonnet haar schouder beroerend, zei hij, den arm uitstrekkend:‘Marsch!’ waarop ze zoo vlug mogelijk wegijlde.
U ziet het. Dat leest een pak onschuldiger.
Er waren nog wat andere oude uitspraken te lezen. Op een bord stond gegraveerd: "Ars Longa. Vita Brevis". Uit de aforismen van Hippocrates, waar hij schrijft: De kunst is lang, het leven kort, kansen vluchtig, experimenten gevaarlijk, oordelen moeilijk. Maar het volledige aforisme was me onbekend en ik moest enkel denken aan wat Ronald M.S. Commers me afgelopen jaar had bijgebracht: ‘Ook al is het niet aan jou het werk af te maken, toch ben je niet vrij je eraan te onttrekken’ (bron: rabbi Tarfon). Dat ik daarna het dagboek van Virginie Loveling (die hij ook terloops had vermeld) tegenkwam op de rondleiding was dan ook puur toeval. Misschien niet zo'n puur toeval. Zo kan ik nog wel een link maken met de Habsburgers op basis van wat informatie die terug te vinden was over Karel V. Maar over de Stroppendragers moet je elders maar lezen. De link makende met wat Theo Maassen zegt over stropdassen (dat iedereen hem draagt waar hij het ongemakkelijkst zit), vroeg ik me af wat de etymologie zou zijn. Die blijkt van een andere orde te zijn, maar de herkomst is wel leuk om weten. Ik citeer de nederlandstalige wikipedia even:
De benaming das is volgens de conventie correct; het woord "stropdas" wordt traditioneel niet gebruikt. Deze term is ontstaan nadat het strikken van een das verbasterd is tot het stroppen van een das. Ter vergelijking: in het Duits zegt men "Halstuch" (Nekdas) en in het Engels (neck)tie (idem).
Herkomst: De dragers van de voorouders van de moderne das waren de senatoren in het oude Rome. Zij droegen zogenaamde Fascalia om hun stembanden warm te houden. Een politiek betoog voeren zonder stemversterkende instrumenten in de grote Senaatszaal was erg belastend voor de stembanden. Omdat de senaatsleden deze Fascalia droegen werd het gezien als een symbool van status en macht. Aangezien de Romeinse generaals niet achter konden blijven in hun machtsvertoon hebben ze de Fascalia als onderdeel van hun uniform opgenomen.
Toen ik het krantenartikel las over de slachting van een half miljoen varkens dat per jaar werd uitbesteed aan Defensie had ik zin om te vertrekken. 10.000 varkens per dag moesten geslacht worden door verplegers, 2 weken in opleiding. "Net degenen die het minste op de hoogte waren van hun rechten", was te lezen. Dat zoiets emancipatorisch (bevel is normaliter toch bevel) te lezen was in een legerkazerne kwam bevreemdend over. Tot je beseft dat het een monument is en zo'n artikel niet op internet terug te vinden is. Het is wellicht uit de jaren '60. Enkel para's moeten eens een kip met de blote handen doden; maar slachtingen op een massale schaal, dat besparen we intussen onze soldaten gelukkig. Het waren ook maar tengere zieltjes, die verplegers in wording, want als er 1 van hen wordt gevraagd wat ze de hele dag doen, antwoord hij "Doden". Een nogal grim beeld om zo'n nobele taak. Hij had evengoed kunnen zeggen "Mensen ,die graag vlees eten omdat het zo lekker is, helpen". Dat de dieren slim genoeg waren om te weten wat er gaande was, zal intussen ook wel opgelost zijn door voldoende opdeling. Het ene varken weet niet wat zijn voorganger net is overkomen. We zijn veel beschaafder. Doet me overigens denken aan de moderniteit. Terwijl ik naar buiten wandelen, langs de ingang die voor mij ook als uitgang dient, bedenk ik wat de gids zei. Men vertrok langs links naar het front en langs rechts kwam men terug van het front. Het opsplitsen van de in- en uitgang is zeer belangrijk. Want anders, indien de soldaten tegen elkaar zouden kunnen zeggen hoe de zaken er voor staan, zou de desertiegraad te hoog liggen.
zaterdag 20 augustus 2011
We Come In Peace (Shoot to Kill)
(Dit stuk is geschreven door Casper Verbuyst en verscheen voor het eerst in Van Stof Tot Nadenken, 2010)
Ik geef toe: ik ben een star trek fan. Neen, ik heb geen rubberen Vulcan oren in mijn schuif liggen of een bat'leth reproductie aan de muur hangen en mijn kennis van het Klingon is hoogstens passief. Maar ik ben wel vertrouwd met de meeste tv-series en ook de speelfilms zijn mij niet vreemd. En indien de situatie er zich toe leent, durf ik wel eens een subtiele referentie te maken naar de Borg. Ik ben een pseudo-trekkie. Waarom deze interesse? Naast het feit dat het star trek canon in essentie de kronieken zijn van ontdekkingsreizigers in space, meer dan reden genoeg op zichzelf, ben ik sinds jongs af aan gefascineerd door de subtiele maatschappijkritiek die verweven zit doorheen de series. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: in de toekomst zijn we allemaal commies. En vegetariërs. Toegegeven, vegetariër zijn is niet moeilijk als je replicator op commando ethisch verantwoorde côte à l'os assembleert met als enige ingrediënt een beetje energie uit een koude fusiereactor. En indien er bijna geen materiële tekorten meer bestaan verdwijnt het sportieve element van het kapitalisme als sneeuw voor de zon.
Maar zelfs op de aarde, uiteraard het centrum van de United Federation of Planets en een baken van vredevolle samenwerking tussen alle soorten die genoeg op mensen lijken voor de occasionele interplanetaire seksscène, een gegarandeerd kijkcijferkanon onder het doelpubliek van puberende tienerjongens, is niet alles altijd peis en vree in de 24ste eeuw. De collectieve welvaart, die voornamelijk bestaat uit automagisch geproduceerde schone en veilige energie, wordt op een egalitaire wijze verdeeld onder de hele wereldbevolking. Van armoede is geen sprake en de gestegen levensverwachting wordt opgevangen met een cocktail van medische vooruitgang en een verfrissend respect voor ouderen. Het milieu doet het, onder de rationele planning van de mens, beter dan ooit tevoren. Maar veruit het grootste deel van de ruimtevaart en het wetenschappelijk onderzoek, cruciale aspecten van deze futuristische wereld, valt onder het bewind van een hiërarchisch militair orgaan dat actief is binnen alle lagen van de maatschappij. Het meest gegeerde goed blijft hetzelfde wat het anno 2010 ook is: macht en aanzien. Jawel, in deze utopie hebben we de ketens van het kapitalisme van ons afgeworpen en een ethiek van tolerantie en verdraagzaamheid voor (bijna) alle levende wezens geadopteerd, maar we zijn nog altijd niet vies van een mooi omlijnde en sterk hiërarchische dominantiestructuur. In tegendeel, wanneer elk statusvoordeel uit geld en eigendom verwaarloosbaar wordt, is excelleren op professioneel vlak meer dan ooit de beste gok om macht te vergaren. En wil je echt carrière maken dan is er maar één keuze: join the army.
Ordehandhavers van de hele mensheid en omstreken, geboren uit de as van een nucleaire holocaust en de revolutie die volgde uit dit apocalyptisch falen, de United Federation of Planets Starfleet zoekt onophoudelijk naar nieuwe rekruten. Van naar 24ste eeuwse standaarden zo goed als ongeschoolde plebs die als kanonvlees kunnen worden gebeamed naar schier onbewoonbare planeten tot hoogopgeleide topwetenschapers van het kaliber dat enkel een verlichte maatschappij kan produceren om te garanderen dat het schip optimaal blijft presteren, er is een plaats voor iedereen die ideologisch conformeert en allen krijgen ze uitvoerige militaire training, een kajuit met zicht op de sterren en een spandex uniform in een kleurtje dat hun functie en dus waarde aanduid. Wie kan zich niet scharen achter Starfleet’s nobele doel, de Melkweg verkennen, contacten smeden met onbekende civilisaties en de collectieve kennis van de mensheid verbreden? Ex astris, scientia!
Uiteraard moet er hier en daar eens een offer worden gebracht. Sommige buitenaardse soorten misinterpreteren onze vriendschappelijke radiogroet wel eens als een aanval, bijvoorbeeld wanneer de resulterende straling blijkt hun schedel te doen smelten, en dit kan soms wel eens op een confrontatie uitlopen. In dergelijke gevallen is het aan de dappere heren en dames van Starfleet om zichzelf, en dus ook ons, te beschermen en dit desnoods met geweld. Gelukkig reizen de meest briljante wetenschappers van hun tijd mee op deze ruimteschepen en zijn de meeste naast hun dayjob als botanist of chemicus ook gespecialiseerd in op plasma gebaseerde phasers en quantum torpedos. Als extra motivatie om hun schip met hand en tand te verdedigen, nemen ze ook hun uitgebreide familie mee aan boord, die in geval van schipbreuk vaak mee met het schip ten onder gaat. Je zou van minder willen wederkerig beneficiële handelsrelaties aangaan met de vreedzame federatie.
Wat een verwarrende en onnodig pluralistische wereld leven we toch in, in contrast met deze visionaire toekomstvisie. Zal de mensheid de nodige eenheid bereiken die noodzakelijk is om reële vooruitgang te boeken? Of zal onze reis naar de sterren worden belemmerd door kleinburgerlijke reformisten? Men kan slechts blijven dromen dat de utopische idealen geschetst in deze tv-serie die generaties nerds heeft geïnspireerd ooit doorsijpelen naar de echte wereld en de mensheid in vredevolle samenwerking zal streven naar een betere toekomst. Voor iedereen die er aan wil meewerken.
maandag 15 augustus 2011
Cultuurcheque Augustus
Ach, die was gemeen. Enkel omwille van het gebrek aan face-to-face interactie kan zo'n oversimplificatie geuit worden. Toen de toezichthoudster me vroeg wat het probleem nu juist was zei ik ook maar schaapachtig "religie". Wat moest ik zeggen? "De joden"? Als men een paar vooroordelen heeft, wil ik die best doorprikken. Maar de brave vrouw zat de hele dag op de foto's te kijken (van lijken, ruines, etc). Ze werd er duidelijk moedeloos van (ik ook trouwens tijdens het aanschouwen van de foto's) en dat is niet het moment om een zwart schaap aan te duiden. De woede en frustratie was in Palestina inmiddels reeds omgezet tot wanhoop. Aldus de folder die wat uitleg geeft bij de fotografie. Toen ze effectief zelf wat opperde "de mensen daar hebben een andere mentaliteit" (ik had een gevangenisbewaker aan eens hetzelfde horen zeggen over "oost-europese volkeren") begon ik dan maar mijn geopolitiek iets correctere analyse dat miljarden krijgen in militaire steun er kan voor zorgen dat de plaatselijke bevolking buitenspel werd gezet. Maar ik was op zoek naar foto 75. Dat was belangrijker dan een discussie met de vrouw aangaan, haar overtuigen Israël de boycotten en haar achter te laten, de staren op lijken met een daderfiguur in het hoofd.